Klimaatprinsen en klimaatkikkers koersen af op chaos

Door zelfbestempelingen als het ‘groenste kabinet ooit,’ het inrichten van moeilijk te begrijpen ‘klimaattafels’ en publieke stoeipartijtjes over kosten heeft de coalitie bijgedragen aan de negatieve teneur die de klimaatdiscussie in Nederland heeft gekregen. De weg die het kabinet heeft gekozen, door doelen in een klimaatwet te gieten, zonder burgers enige vorm van zekerheid te geven over de middelen die daartoe moeten leiden, is op zijn zachts gezegd onhandig. Uit verschillende peilingen blijkt dat veel Nederlanders vinden dat de menselijke invloed op de opwarming van de aarde moet worden beteugeld, maar tegelijkertijd vrezen dat de kosten van de aangekondigde Nederlandse inzet torenhoog en de effecten ervan nihil zullen zijn. Het Forum voor Democratie spint garen bij deze beeldvorming en giet vol overgave olie op het klimaatvuur door te strooien met getallen als ‘duizendmiljard’ euro’s aan kosten en ‘nul komma heel veel nullen, zeven’ minder graden aan opwarming. Terwijl de coalitie moeite lijkt te hebben om de kikkers Dijkhoff en Buma in de kruiwagen te houden, staan twee – door het volk tot prins gekuste – oud kikkers aan weerszijden van de klimaatkar om het hardst te schreeuwen. 


Terwijl de coalitie moeite lijkt te hebben om de kikkers Dijkhoff en Buma in de kruiwagen te houden, staan twee – door het volk tot prins gekuste – oud kikkers aan weerszijden van de klimaatkar om het hardst te schreeuwen. 

Volgens Jesse Klaver gaat het niet hard genoeg. Hoe sneller en hoe steviger de maatregelen, hoe meer de voorman van GroenLinks in zijn element lijkt. Zijn honger naar meer lijkt echter onverzadigbaar, immers volgens Klaver kunnen rekeningen altijd naar het kwade bedrijfsleven worden doorgeschoven. Helaas is de werkelijkheid anders dan het wereldbeeld van GroenLinks. Hogere productiekosten en zwaardere belasting van het bedrijfsleven leiden niet tot lagere winstmarges van bedrijven, maar tot hogere consumentenprijzen of een vertrek naar een ‘bedrijfsvriendelijkere’ omgeving. Die economische wet kan door vrijwel iedere scholier worden uitgetekend, maar wordt door Klaver steevast opzij geschoven. Het kan naïviteit, een zucht naar politiek gewin of een cocktail waarin die twee vermengd zijn, zijn dat hieraan ten grondslag ligt, in ieder geval is duidelijk dat GroenLinks zich harnast in het eigen gelijk.

Aan de andere kant van de klimaatkar staat Thierry Baudet. Hij weerspreekt de lange tijd voor vanzelfsprekend aangenomen menselijke invloed op klimaatverandering. Met sprankjes weemoed refereert hij aan de vroegere wijnteelt in Schotland, terwijl hij wijst op ijstijden en andere historische voorbeelden van fluctuaties in het klimaat op aarde. Ook voor mensen die niet meegaan in deze radicale opvatting, maar wel tegenstander zijn van de stevige en kostbare ambities om Parijs te halen is het Forum voor Democratie een aantrekkelijke uitvlucht gebleken. Met het electorale succes van Baudet is de klimaatdiscussie blijvend van karakter veranderd. Wanneer iemand vol bevlogenheid, met een rits moeilijke woorden en de nodige verongelijktheid tegen heilige huisjes aantrapt, schuiven kiezers onwillekeurig naar het puntje van hun stoel. Een excentriek geluid valt immers op in een omgeving vol grijstinten.

De coalitie is er voorlopig niet in geslaagd om een overtuigend antwoord te vinden op deze gevarieerde en succesvolle oppositie. Buma en Dijkhoff vinden elkaar in de angst voor hoge kosten voor de burger, maar lijken te vergeten dat zij zich aan overambitieuze doelstellingen hebben verbonden, zonder een concreet plan en met de bijbehorende onzekerheid voor burgers. De door Dijkhoff tot klimaatdrammer gekroonde Rob Jetten en zijn klimaatcompagnon Gert-Jan Segers zullen minder moeite hebben om hun achterban mee te nemen in de route die de coalitie heeft gekozen, maar ook zij zijn onderdeel van de worsteling die dit kabinet op dit dossier doormaakt.

Als het kabinet Rutte III niet over het klimaatprobleem wil struikelen, dan zal het met een nieuwe strategie moeten komen. Een hoog prijskaartje voor de samenleving zal binnen de coalitie leiden tot een crisis en korrel op de molen van de oppositie zijn. Een hoog prijskaartje voor het bedrijfsleven zal mogelijk beter te framen zijn, maar betekent naast een overwinning voor Klaver, vrijwel altijd hogere consumentenprijzen voor burgers. Dat laatste is vervelend, maar tot op zekere hoogte verdedigbaar, belangrijker is dat voorkomen moet worden dat ondernemingen zo hard worden geraakt dat het ten koste gaat van de werkgelegenheid. In een vraagstuk waarin het draagvlak vanuit de samenleving broos lijkt, de coalitie verdeeld is en de oppositie voorlopig als enige echte keuzes maakt, dreigt chaos.


Niet alleen zullen de daaropvolgende verkiezingen worden gedomineerd door een onderwerp waar Klaver en Baudet zich volop op kunnen profileren, maar ook zijn in alle denkbare scenario’s minstens twee van de huidige regeringspartijen nodig voor een volgend kabinet.

De coalitie zal er alles aan doen om niet over dit onderwerp te struikelen. Als het kabinet valt door aanhoudende onenigheid over klimaatmaatregelen zullen de coalitiepartijen een hoge prijs betalen. Niet alleen zullen de daaropvolgende verkiezingen worden gedomineerd door een onderwerp waar Klaver en Baudet zich volop op kunnen profileren, maar ook zijn in alle denkbare scenario’s minstens twee van de huidige regeringspartijen nodig voor een volgend kabinet.

Linksom of rechtsom zullen de VVD, het CDA, D66 en de ChristenUnie daarom met een antwoord op het geschreeuw van Klaver en Baudet moeten komen. Een antwoord op twee politieke prinsen die overtuigd zijn van hun eigen gelijk en niet staan te springen om compromissen te sluiten. GroenLinks en het Forum voor Democratie zijn partijen die nog geen verantwoordelijkheid hebben genomen en gezien hun radicale uitingen weinig ambitie lijken te hebben om water bij de schotse wijn te doen. Toch voelen veel kiezers zich juist tot deze partijen aangetrokken, omdat het de enige partijen zijn met een concreet verhaal. Het kabinet spreekt niet met één mond, weet op dit terrein weinig zeker en zaait volop twijfel over de te kiezen koers. De onomwonden ‘ja’ van GroenLinks en de ondubbelzinnige ‘nee’ van het Forum voor Democratie zijn de enige kleurvolle antwoorden op de klimaatvraag die voorligt. Het gebrek aan inhoud en onderbouwing in het standpunt van de beide klimaatprinsen wordt voorlopig gemaskeerd door de kleurloosheid van hun omgeving.   

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here