Het jaar van Asscher

Begin deze maand luidde het kabinet het nieuwe politieke jaar in. Een kleurrijk samenzijn met hoedjes, koetsen en hoera´s waren het décor van een troonrede van de majesteit. Gesierd met een degelijke dosis gezichtsbeharing, zijn wederhelft en hernieuwde voorleesskills, stak de koning een door Rutte zelfgeschreven lofzang op hem af. De twee dagen die volgden waren niet waar de gemiddelde politieke fanboy op had gehoopt. Retorische spektakelstukken waren niet te ontwaren in een kluwen van verbroedering en redelijkheid. Verfrissend? Nee, het was meer van hetzelfde.

De oppositie was vooral boos en Rutte stuurde iedereen als kleine kinderen terug naar de blauwe bankjes.

Familieleden en gewone burgers werden naar Amerikaans voorbeeld aan de lopende band aangesleept om politieke punten te scoren. De oppositie was vooral boos en Rutte stuurde alles en iedereen als kleine kinderen terug van de interruptiemicrofoon naar de blauwe bankjes.

Asscher klampte zich vast aan onderwijspersoneel en liet niet meer los

In een verder middelmatig debat, waarbij alleen Wilders en Rutte verder een ruime voldoende scoorden, stal één man de show. Lodewijk Asscher. Asscher heeft geen tekst nodig. Hij begint aan een verhaal, houdt ook tussen alle interrupties door een logische opbouw aan en is verbaal één van de weinigen die zich met Wilders en Rutte kan meten. In plaats van ideologische vergezichten, aangezette woede of een populistische oproep om een minder populistische werkwijze aan te nemen, koos Asscher zoals altijd voor inhoud. Hij klampte zich vast aan het onderwijspersoneel en liet niet meer los. Hoewel zijn handboek Rutte een tikje sleets raakt, brengt hij de premier er herhaaldelijk mee in verlegenheid. De enige momenten waarop de verder soevereine Rutte in verlegenheid lijkt te raken, is wanneer Asscher zichtbaar geïrriteerd uitlegt welke debattrucjes Rutte net heeft toegepast.

Stevige dossierkennis, een groot retorisch vermogen en een gebrek aan kundige concurrentie op links maken dat dit het jaar van Asscher wordt. Na de vorige Tweede Kamerverkiezingen leek de linkse wind onder de vleugels van Jesse Klaver te staan, maar in alles is hij een mindere politicus dan Asscher. Klaver kan niet mee met de groten der Haagsedebataarde. In tegenstelling tot hen heeft Klaver het al moeilijk met interrupties van onervaren voormannen als Thierry Baudet. In tegenstelling tot de PvdA weigerde GroenLinks verantwoordelijkheid te nemen. Nu de economische crisis achter de rug is en Nederlanders meer en meer zien dat Rutte II ons, wellicht iets te rigoureus, uit een diep dal heeft geleid, wordt de PvdA weer een reële stemoptie.

Frans Timmermans leidde de sociaaldemocraten begin dit kalenderjaar naar de eerste verkiezingswinst in jaren. Asscher slaagt erin de koers voorwaarts vast te houden. Dit wordt dan ook het jaar van Asscher.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here