Minister Van Engelshoven moet nu opstaan voor het hoger onderwijs

Foto: Arenda Oomen

Het hoger onderwijs heeft de afgelopen weken in een ongekend tempo een digitale revolutie doorgemaakt. De onderwijsgebouwen en terreinen waar studenten, professoren en medewerkers zich in een tijd die inmiddels al een ver verleden lijkt ophoopten, zijn leeg. Studenten studeren op afstand. Docenten doceren vanachter een webcam. Hoe snel kennisinstellingen zich ook hebben aangepast, de complicaties zijn groot. Gestaakte stages, stilstand van practica en uitgestelde tentamens zijn slechts een greep uit de gevolgen die onvermijdelijk tot studievertraging gaan leiden. Daarnaast krijgen kennisinstellingen hier niet alleen nu, maar ook de komende jaren, een forse financiële rekening door gepresenteerd. Terwijl alle ministers in de rij staan om hun sector met vuur en zwaard te verdedigen en honderden miljoenen worden verdeeld, blijft het rond de minister van onderwijs akelig stil. Te stil.

Meerjarige financiële gevolgen voor het hoger onderwijs

Als gevolg van deze internationale crisis zullen veel studenten ervoor kiezen om hun onderwijsheil niet over de landsgrenzen te zoeken. Hoewel we er allemaal van uitgaan dat het oude normaal ooit weer terugkeert is het nog maar de vraag of en zo ja op welke termijn de internationale studentenstroom weer op gang komt. In ieder geval het volgende collegejaar zal deze instroom fors teruglopen. Daarnaast werkt de studievertraging in het mbo ook door op de instroom van het hbo. Het ministerie geeft aan deze studenten aan het hbo te willen laten starten en daarnaast tot het einde van dit kalenderjaar te geven om hun mbo opleiding alsnog af te ronden. Terwijl het bekend is dat veel mbo studenten moeite hebben om te wennen aan het hbo onderwijs en daarom juist in de eerste maanden vaak intensieve ondersteuning nodig hebben, zouden zij nu de afronding van hun huidige opleiding moeten combineren met het zwaartepunt van hun vervolgopleiding. Ook hier ligt het gevaar van een verminderde instroom van studenten die hier geen trek in hebben en een vergrootte uitval van studenten die het niet lukt deze enorme uitdaging te voltooien op de loer. Over de doorstroom vanuit het hbo naar de universiteiten is nog minder bekend, maar gelden dezelfde obstakels.

Dit heeft sterke gevolgen voor de budgetten van hogescholen en universiteiten. Het financiële effect op het hoger onderwijs heeft in beginsel een vertraagde werking. De rijksbijdrage die kennisinstellingen voor hun studenten ontvangen loopt ongeveer een jaar achter op de daadwerkelijke fluctuaties in studentaantallen. De terugloop van deze rijksbijdrage heeft bovendien een structureel karakter aangezien studenten over het algemeen meerjarig studeren en de effecten van het komende collegejaar een hele ‘studentengeneratie’ doorwerken. De andere bron van inkomsten, het collegegeld dat studenten betalen, is een fors lager deel van de inkomsten, maar is direct gekoppeld aan het aantal ingeschreven studenten.

Kwaliteit van het hoger onderwijs verder onder druk

Om de forse klappen die de komende jaren geïncasseerd moeten worden, zonder overheidscompensatie, op te vangen zullen kennisinstellingen dan ook nu al stevig het mes gaan zetten in hun lopende en toekomstige begrotingen. Abrupt snijden in de besteding van onderwijsgelden leidt onvermijdelijk tot een bedreiging van de kwaliteit van het onderwijs. Juist de huidige generatie studenten die de wrange vruchten plukt van het leenstelsel wordt hier in de nabije toekomst verder door benadeeld. De groep studenten die tussen de invoering en de aanstaande afschaffing van het leenstelsel vallen en aan wie een kwaliteitsimpuls uit eigen beurs is beloofd moet nu dan ook vrezen voor een volgende klap in het gezicht.

Wanneer de minister de portemonnee weigert te trekken om het onderwijs tegemoet te komen blijft er niets over van de kwaliteitsimpuls die de huidige generatie studenten is beloofd. De ontwikkelde plannen om de kwaliteit van het hoger onderwijs te verbeteren zorgen er in dat geval hoogstens voor dat de bezuinigingen slechts gedeeltelijk zullen worden gevoeld door studenten. Van Engelshoven moet nu opstaan voor het hoger onderwijs. Studenten moeten gecompenseerd worden voor de vertraging die zij nu oplopen en kennisinstellingen moeten financieel worden bijgestaan zodat de kwaliteit van het hoger onderwijs niet verder onder druk komt te staan.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here